Ook dit jaar zullen wij regelmatig een blog schrijven over onderwerpen die spelen in het medisch onderwijs. Ons eerste blog van het jaar gaat over e-health. Heb jij een onderwerp waar je meer over wilt weten? Laat het ons weten en wellicht kunnen wij hier een volgend blog over schrijven!

Het jaar 2019 is aangebroken en we hebben heel wat voor de boeg. Dit jaar zal in het teken staan van onder meer het raamplan artsopleiding, dat herzien zal worden. Het huidige raamplan stamt uit 2009. In het huidige raamplan staan voldoende aanknopingspunten voor een aantal belangrijke aspecten voor het opleiden van artsen. Tien jaar later zijn de tijden echter veranderd en neemt onder meer de behoefte om kennis te vergaren over het gebruik van digitale middelen binnen de geneeskunst toe.

Tegenwoordig zijn steeds meer mogelijkheden om zelf grip op je gezondheidstoestand te krijgen. Steeds meer bedrijven zetten verschillende middelen in om allerlei metingen te verrichten van bloeddruk en bloedglucose tot de mate van activiteit en beweging. Denk aan smartwatches, die verschillende sensoren bevatten om hartslag en bloeddruk te meten en ook de mate van activiteit te registreren. E-health spelen een steeds grotere rol in de manier waarop patiënten hun gezondheid kunnen monitoren. Maar wat is e-health eigenlijk? En werkt het wel zoals men beweert? En hoe moeten dokters hier mee omgaan?

In de week van 21 januari organiseerde de ministerie Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) de week van e-health. Tijdens deze week kwamen allerlei bedrijven, artsen en patiënten samen om te spreken over e-health. Het KNMG definieert e-health als volgt: ‘het gebruik van informatie- en communicatietechnologie ter ondersteuning of verbetering van de gezondheid en de gezondheidszorg’. Het gaat dus om het geheel aan online-mogelijkheden om de zorg dichterbij de patiënt te brengen en hen ook toegang te geven tot deze gegevens. Hiermee neemt de patiënt meer regie over zijn eigen zorgproces.

De NFU heeft tijdens deze week ook haar visie aangeboden aan minister Bruno Bruins, waarin zij haar visie beschrijft over e-health. Ten eerste met betrekking tot de zorg, zo wordt de regie van de patiënt vergroot en verbeterd, draagt het bij aan de betaalbaarheid van de zorg en wordt het makkelijker voor patiënten om de gegevens uit te wisselen. Ten tweede zal het ook implicaties hebben op de manier van onderwijs voor de geneeskundestudenten, arts-assistenten en specialisten. Er worden e-learnings aangeboden over e-health, zodat e-health daarmee een prominente rol gaat spelen om mede de gedeelde besluitvorming tijdens het consult te vergroten. Het is wel belangrijk om in het achterhoofd te houden dat er ook een juridisch (veiligheid en privacy), technisch en ethisch aspect verbonden zit aan e-health en hierover moet ook onderwijs gegeven worden. Tot slot zullen er ook meer applicaties en apparatuur getest moeten worden op validiteit en betrouwbaarheid, de zogenaamde evidence-based e-health, gekoppeld aan een kwaliteitscontrole-cyclus. Bij de ontwikkeling van e-health zullen patiënten betrokken worden, want e-health moet wel aansluiten op de behoefte van patiënten.

De visie die de NFU beschrijft is erg mooi, e-health kan inderdaad leiden tot het laagdrempelig aanbieden van zorg. Met name dat de patiënt zelf regie heeft over het verzamelen en delen van de medische gegevens, kan leiden tot meer inzicht in het ziekteproces. Er zijn echter wel een aantal kanttekeningen. Zo moeten deze middelen betaalbaar aangeboden kunnen worden, want de betrouwbaarheid van goedkope varianten van onder meer de smartwatches is niet te waarborgen. Er moet ook uitleg voor patiënten komen, want patiënten moeten nu hun eigen gezondheid in kaart brengen en zij moeten ook weten wat zij met bepaalde uitslagen van onder meer bloedglucose waardes moeten doen. Misschien is wel de belangrijkste nog hoe wij de logistiek zo gaan inrichten dat de informatie van de patiënten op een veilige manier gedeeld kan worden? Dit vergt veel energie en tijd. Tot slot moet er ook aandacht voor e-health komen in de geneeskundecurricula en een structuur van bij- en nascholing komen voor artsen.

Wat zijn jullie ervaringen met e-health? Hoe kijken jullie tegen deze veranderingen? Is er al aandacht hiervoor bij jullie in het onderwijs? Wij als bestuur zijn hier wel benieuwd naar! Mocht je iets met ons hierover willen delen, mail ons dan gerust!